Als wij een zonnepark ontwerpen, zorgen we ervoor dat er natuur, zoals slootjes, poelen, bomen en planten bij het park komen. Na 20 jaar valt het onder de natuurbeschermingswet en hebben we er een blijvend natuurgebied bij. Goed voor het landschap, maar ook voor insecten en vogels. En dat is hard nodig.

Vroeger was de voorruit van een auto bezaaid was met insectenlijkjes na een lange rit. Dat is allang niet meer zo. Naar schatting leven er nu 60 procent minder insecten dan 50 jaar geleden. Grote boosdoeners zijn het verdwijnen van geschikt habitat maar ook bestrijdingsmiddelen waar onze landbouwakkers meer worden behandeld. Een bepaald soort bestrijdingsmiddel, de neonicotinoiden, nestelt zich in de stengels, bladeren en bloemen van de plant. Luizen gaan er dood van, maar bijen ook. Deze pesticiden worden preventief ingezet, vanaf de eerste groei van het gewas. Dit gif spoelt uiteindelijk ook door in het grondwater en in sloten. Dit heeft er onder andere voor gezorgd dat de insectenpopulatie is gedecimeerd, zowel in aantal als in diversiteit.

Insecten en vogels komen terug

Als je landbouwgrond gebruikt om een zonneveld te bouwen, dan stop je met het omploegen van de grond, het gebruik van bestrijdingsmiddelen en kunstmest. Je ziet dat de natuur zich dan snel herstelt. Als je zo min mogelijk (en bij voorkeur gefaseerd) maait, en het maaisel afvoert, komen er meer bloeiende planten op het terrein. Ook komen er meer insecten en daar komen weer vogels op af. De patrijs, praktisch verdwenen uit het Nederlandse landschap kan dan bijvoorbeeld weer terug keren.

Terugkeer van biodiversiteit is al gebleken op zonneparken elders in Europa, maar om dit ook in Nederland te onderzoeken, zijn we twee onderzoeken gestart, samen met Wageningen University & Research en met branchevereniging Holland Solar. De resultaten van deze onderzoeken zullen enige tijd op zich laten wachten.

Nieuwe natuur

Bij de bouw van een zonnepark reserveren wij altijd extra geld om dingen te doen voor de natuur. Bij ons zonnepark Woudbloem in Slochteren gaan we bijvoorbeeld extra maatregelen nemen voor de groene glazenmaker, een bijna uitgestorven libellesoort. Deze libelle heeft krabbescheerplanten, een half onder gedoken waterplant, nodig om eitjes in te leggen. Voor de overleving van de soort is deze plant hard nodig. Bij het zonnepark van circa 50 ha komt 20 ha nieuwe natuur, waaronder sloten en poelen. We zorgen dat er voldoende krabbescheer in die poelen komt. Langs de kant van de sloten maken we steile wallen waar oeverzwaluwen hun holletje kunnen graven. In ons park in Limburg brengen we een houtwal terug in het landschap. In ons park Hardenberg in Overijssel komen eiken terug, die eerder uit het landschap waren verdwenen en word een beekoever in de natuurlijke staat hersteld.

De natuur die we aanbrengen bij de parken, is er niet voor eventjes. Na 20 jaar valt deze nieuwe natuur onder de natuurbeschermingswet. Dus als de panelen na 25 tot 30 jaar verdwijnen, blijft de natuur.

Georg van der Berg – LC Energy

NIEUWSBRIEF

    Laat uw gegevens achter en blijf op de hoogte van alle ontwikkelingen rondom een project naar keuze.




    This site is protected by reCAPTCHA and the Google
    Privacy Policy and Terms of Service apply.